Selasa, 16 April 2019

KUNSTSCHATTEN HEBBEN GELUKKIG HELSE VUURZEE DEELS DOORSTAAN.


Parijs -  De schade aan de Notre-Dame mag dan groot zijn, veel belangrijke kunstschatten hebben gelukkig de helse vuurzee doorstaan. Of zijn door dappere geestelijken en brandweerlui uit de vlammen gered.
 


Zoals de drie belangrijkste relikwieën, de doornenkroon van Christus, een stuk van het kruis waaraan hij stierf en de spijker van de kruisiging. Deze zijn voor de katholieken heilig. Ook de tuniek van Sint Lodewijk is veilig, zo twitterde Anne Hidalgo, de burgemeester van Parijs opgelucht.



De Franse schrijver Victor Hugo maakte rond 1831 de klokken van de Notre-Dame wereldberoemd dankzij zijn tragische romanfiguur Quasimodo uit zijn boek De klokkenluider van de Notre-Dame.

Uit de film ’Hunchback of Notre Dame’, 1982. Zigeunerin Esmeralda, Lesley-Anne Down ontfermt zich over de gebochelde klokkenluider Quasimodo Anthony Hopkins in de Notre-Dame.

De klokken, die de gebochelde Quasimodo dagelijks luidde, hangen in elk geval nog trots op hun plek, hoog in de twee torens aan de voorkant van de kerk. De grootste van de twee, die de bijnaam Emmanuel draagt, weegt maar liefst 23 ton. Als die ook naar beneden gestort zou zijn, was de schade in de kerk nog groter geweest. Sommige kunstwerken zijn in de haast van de reddingsoperatie nog deels ingepakt en in veilgheid gebracht.


De schitterende roosvensters, die het interieur van de kathedraal op een zonnige dag zo kleurrijk verlichten, zijn helaas waarschijnlijk niet allemaal onaangetast gebleven. Deze ronde glas-in-lood-ramen behoren tot de bekendste gebrandschilderde ramen ter wereld en dateren uit de dertiende eeuw. Naar nu bekend is, heeft in elk geval het grootste roosvenster in het noordelijke dwarsschip van het kerkgebouw de brand zonder schade overleefd. Ook twee andere ramen zien er redelijk goed uit, volgens de autoriteiten.

Veel van de schatten en kunstwerken uit de Notre Dame zijn toch nog in veiligheid gebracht na de verwoestende brand.

Hoe het met de andere gotische ramen gesteld is, zal later moeten blijken. De 76 olieverfschilderingen met scènes uit het Nieuwe Testament, waaronder de kruisiging van Petrus, hebben volgens cultuurminister Franck Riester in elk geval water- en rookschade opgelopen. De ernst daarvan moet nog onderzocht worden door experts.

Toeristen die de wereldberoemde kathedraal bezochten, zullen zich vast ook nog het laat-middeleeuwse houten koor herinneren dat rondom het altaar stond. Dit werd tussen 1300 en 1350 vervaardigd door de meester-houtsnijders Jean Le Bouteiller, Pierre de Chelle en Jean Ravy. Hout is natuurlijk extra kwetsbaar bij brand. Foto’s van het interieur laten zien dat er beslist flinke schade is aan het houtsnijwerk. Op sommige opnamen lijken delen van het koor zelfs helemaal verdwenen te zijn.

Bijbelse personages

Meer geluk hadden de zestien koperenbijbelfiguren die normaal gesproken op het dak rond de torenspits staan. Deze 12 apostelen en vier evangelisten waren recent al met een honderd meter hoge kraan van het dak gehaald, om elders in het Zuidwesten van Frankrijk gerestaureerd te worden. Een mazzeltje, want anders zouden ze zeker stuk gevallen zijn, nadat de houten dakconstructie gistermiddag instortte en de negentiende eeuwse torenspits naar beneden viel.


Ook de beelden die het hoogaltaar sierden hebben de brand overleefd. Al zullen ze wel beschadigd zijn, zo vermoedden kenners. Hieronder is een achttiende eeuwse marmeren pièta (Maria die het dode lichaam van Christus beweent) van Nicolaas Coustou. Het historische orgel is als door een wonder niet verbrand, maar heeft wel fikse waterschade opgelopen.