Senin, 17 Desember 2018

COLUMN - EEN EERLIJK STRAFPROCES


Niemand is schuldig voordat bewezen is dat iemand de daad heeft begaan. Tegenwoordig lezen wij veel sneller over de zogenoemde Pro-Forma zittingen voorbereidende stappen om te komen tot een strafproces. Ik spraakmakende zaken houden vaak een aantal partijen zichzelf niet aan de fatsoensnormen ook journalisten niet. Een eerlijk strafproces kenmerkt zich door het respecteren van de rechten van zowel de verdachte als die van het slachtoffer. 
De rechten van het slachtoffer is de laatste jaren verbeterd maar lijken tevens de grenzen te benaderen waarop vooral in spraakmakende zaken die grenzen te worden overschreden. Vooruitlopende op de rechtzetting worden verdachten neergesabeld als zijnde dader als zijnde al publiekelijk veroordeeld. Advocaten verschijnen in het Openbaar, schreeuwen en roepen en veroordelen de verdachte openlijk. Vaak onthouden advocaten van verdachten elk commentaar en nemen een proceshouding aan die de verdachte aangeeft. Hun persoonlijke mening doet er niet toe in een eerlijk strafproces de rechten van de verdachte spreekt. 
Spraakmakend was de moeder van Nicky Verstappen heel begrijpelijk, maar ze schreeuwde de verdachte toe kijk me aan en gelijk was dat nieuws.      
Een eerlijk strafproces kenmerkt zich door het respecteren van de rechten van zowel de verdachte als die van het slachtoffer. In de praktijk wordt een spanningsveld tussen deze rechten ervaren dat steeds groter lijkt te worden. Dit spanningsveld en het effect daarvan kan zorgelijk worden. Worden sommige verdachten onschuldig veroordeeld. Ja dat komt voor. We kennen een aantal strafzaken waarin bleek dat de verdachte en veroordeelde onschuldig bleek te zijn, achteraf. 

Worden de rechten van het slachtoffer(s) goed gewaarborgd. Jazeker het Openbaar Ministerie behoort ook slachtoffers binnen het strafproces te begeleiden. De Openbare aanklager zaak-officier van justitie zou meer die rol nadrukkelijker moeten gaan vervullen. Nu treden advocaten op binnen de rechtszaak, maar die rol zou meer moeten verschuiven naar de zaak-officier. 

De ondermijning kan liggen in de veranderde positie van het slachtoffer in het strafproces. De vordering van de benadeelde partij in relatie tot artikel 6 EVRM. Het samenspel van het Openbaar Ministerie met slachtofferhulp zou essentieel moeten worden. 

Verbeteringen in verloop van jaren binnen de bewijsvoeringsmogelijkheden o.a DNA onderzoeken, politioneel onderzoek, sporenonderzoek, alsmede verruiming van een reeks van middelen binnen het politioneel vooronderzoek, onderbouwen de bewijsvoering de laatste jaren veel beter. Het verbeterd uiteraard dan ook het gerechtelijke vonnis. De complexiteit van zaken is eveneens toegenomen. Het vraagt dus meer van rechters. 

In de hele procesgang kan verstorend werken de ruis om zaken, verdachtmakingen en vingerwijzingen. Dat ongefundeerd schreeuwen en roepen heeft ook effect op het bedreigen van journalisten en aanslagen op redactiegebouwen. Het moment van publiceren over een zaak onafhankelijke weergave zou vanaf het moment van de eerste zitting gepast zijn. Die afweging kan worden gemaakt in bepaalde zaken. Uiteraard kan worden overwogen om binnen bepaalde maatschappelijk belangen te publiceren over wat er gaande is of welke groepen gezien worden als maatschappij verstorende activiteiten. 

Dan kan het inhoudelijk gaan over die ontwikkeling. Niet persoonsgericht. Zolang iemand niet veroordeeld is blijft het speculatief dit kan tevens nadelig zijn. Het loopt soms op het randje van "smaad en laster ", de schade kan derhalve dan veel groot zijn. Ik zou in herinnering willen halen " De zaak-Julio Poch betreft de rechtsvervolging van de Argentijns-Nederlandse voormalige piloot Julio Alberto Poch (1952) die sinds september 2009 vastzat op verdenking van betrokkenheid bij de 'dodenvluchten', die tijdens de Argentijnse militaire dictatuur werden uitgevoerd om politieke tegenstanders uit de weg te ruimen. Op 29 november 2017 kreeg de zaak een (voorlopig) einde met de vrijspraak voor Poch, na acht jaar voorarrest.

Als wij in overweging nemen de openbare uitspraken van vermoedens die op televisie zijn geuit, in kranten, kunnen we niet anders dan tot de conclusie komen dat de man vooraf al was veroordeeld. Het bleek onomstotelijk dat Julio Poch onschuldig was. Die overtuiging hadden ook de rechters en spraken hem vrij. De schade die de man is aangebracht reputatieschade is enorm, onherstelbaar. Hier is de plank behoorlijk misgeslagen. Vandaar dat het verstandig is te benadrukken het belang van een eerlijk strafproces.